Wanneer ik in Maleisië de site van de in Engeland in ballingschap levende Maleisische blogger Raja Petra Kamarudin bezoek, staan er altijd advertenties in die hem minder geloofwaardig maken, minder serieus. Bijna altijd plaatjes van Aziatische schonen, die me meer dan welwillend aankijken en me vertellen dat ze zóóóó graag met me zouden kennismaken.

Datzelfde blog heeft, wanneer het wordt bezocht in Nederland, advertenties van een hele andere soort, maar ook hier zie ik elke dag dezelfde: een retourtje Amsterdam – Genève met KLM, staat er, zou al te koop zijn vanaf 99 Euro. Na een paar dagen valt het me op dat er nooit andere bestemmingen worden genoemd, het is altijd Genève.

Het doet me een beetje huiveren, want dit is een goeie demonstratie van hoe slim en hoe geniepig Google, ongetwijfeld verantwoordelijk voor de reclame op dat blog, die reclame aanpast aan de bezoeker – en misschien niet alleen aan de bezoeker. In Maleisië word ik online herkend als buitenlander door de instellingen van mijn computer, en kennelijk ook als man, gezien de pogingen me te verleiden. Heb ik ergens mijn voornaam ingevuld en is die onderschept en herkend als mannelijk? Of zou het de overheid zijn die de inhoud van de reclame beïnvloedt om zo de blogger, die gerust kan worden gezien als een luis in de overheidspels, zijn gelofwaardigheid te ontnemen?

Wat de KLM-retourtjes naar Genève betreft: een paar dagen geleden, vlak na aankomst in Nederland, hebben we gezocht naar manieren om begin januari naar de Franse Alpen te gaan, waar we van plan zijn de winter door te brengen. Dit zoeken naar vervoer is kennelijk Google niet ontgaan, al hebben we Google zelf daarbij niet gebruikt… Voordat de KLM-reclames over retourtjes Genève voor 99 Euro begonnen had een bezoek aan de KLM-website al uitgewezen dat een enkeltje Amsterdam – Genève in januari met de vaderlandse luchtvaartmaatschappij niet uitkwam op de helft van 99 Euro, maar op… 500 Euro! Onafhankelijk van de datum. Het zal wel goed gaan met het bedrijf, dat het zonder te blozen zulke prijzen kan vragen.

Zeggen dat ik geen voorstander van reclame ben is een understatement. Reclame voor alles wat met voeding te maken heeft zou bijvoorbeeld wat mij betreft wereldwijd verboden mogen worden. En waar het gaat om niet-eetbare produkten is een reclamespotje zelden bedoeld om informatie te geven – integendeel zelfs. Reclame zou ik buiten willen houden, zoals je de deur voor de neus van een huis-aan-huis-verkoper of een Jehova getuige dichtslaat.

Maar een wereld zonder reclame is niet denkbaar. Denk ik. Al leek me dertig jaar geleden een wereld zonder Soviet-Unie ook ondenkbaar. Wel zijn er stukjes wereld zonder reclame. In Zuidoost-Azië bestaat nog een traditie om iedere maaltijd te bereiden met verse ingrediënten. Nog wel. En op het internet bestaan nog initiatieven zoals Wikipedia, die rigoureus reclame-vrij gehouden worden en waar ik dus graag mijn jaarlijkse bijdrage aan lever.

Beetje jammer dan van die Maleisische blogger, die zijn lezers worsten voor de neus laat houden die ze moeten zien te negeren. Ach. Het is geen perfecte wereld.

(p.s. de titel van dit stuk is ontleend aan het boek ‘The hidden persuaders’ van Vance Packard, 1957)