Bij het inloggen zie ik dat er sinds gisteren vijftien reacties zijn bijgekomen. Vijftien??? Tat, medeblogster, heeft mijn weblog ontdekt en de moeite genomen om alles van begin tot eind door te lezen en te voorzien van inzichten en aanvullingen. Ik ben erg gevleid… Tat, je hebt er erg veel werk in gestoken, ik denk dat ik alles gevonden heb en ik heb het met plezier doorgelezen. Ik zou minstens op alles moeten antwoorden, maar het is zo veel!… Ook Marcus reageerde op het vorige stukje, met interessante vragen, waar ik hier nog even op in wil gaan.

Wat wil ik, waar ga ik naartoe? Eigenlijk weet ik dat ook niet zo goed. Ja, wel een aantal bestemmingen, maar het uiteindelijke doel van dit alles? Toen ik nog iedere week het uniform aantrok om aan het werk te gaan wist ik wel dat ik dat niet meer wilde. Dat was niet zo moeilijk. Dat ik wilde gaan reizen stond ook als een paal boven water. Maar dan. Je hebt reizen en reizen. Wat altijd bij reizen hoort is het bezoeken van plaatsen waar je niet thuis bent, veranderen van omgeving en gewoontes, het onbekende tegemoet gaan, in plaats van het uit de weg te gaan, zoals je thuis geneigd bent te doen. Hoeveel van dat onbekende je aandurft bepaalt mede de manier waarop je reist. Ik denk aan iets wat ik niet lang geleden op tv zag. Er werden een aantel Nederlanders ondervraagd over wat ze aten als ze op vakantie in Spanje waren: Spaans of niet? En de meesten vonden naar Spanje gaan al voldoende uitdaging, daar moest niet ook nog eens Spaans eten bij komen. Nou, zelf wil ik wat meer. Maar het andere uiterste bestaat uit vermetele vrijbuiters die in voor altijd voorbije tijden delen van de wereld in kaart gingen brengen waar geen beschaafd mens ooit voet had gezet. En dat gaat me weer wat te ver.

Dus terwijl ik me nog aan het losmaken ben van een leven dat ik gekend heb maar niet meer zo wilde voortzetten, en de wereld inga met vage ideeën over ontdekken en leren, kom ik van alles tegen waar ik niet op gerekend had. Zoals bijvoorbeeld de realisatie dat ik regelmatig even genoeg heb van het ontdekken, en dat ik even iets bekends om me heen wil. Koffie, om maar eens iets te noemen. Kijk, dat valt me nou tegen van mezelf, dat ik daar toch weer bevrediging in zoek, al is het maar af en toe, tussendoor. Die ontdekking moet dus een plaatsje krijgen.

Iets anders wat ik merk is dat het goed doet om te weten dat je een netwerk hebt. Zoiets als de bekende metafoor van de boom die alleen groot en sterk kan worden als hij goede wortels heeft. En het hoeft niet eens te betekenen dat je dat netwerk regelmatig op gaat zoeken, alleen de wetenschap dat het bestaat is al genoeg. Dat netwerkt onverwacht op straat tegenkomen is verrassend en versterkend.

En dat is het mooie aan dit hele reisgedoe. Ik kan wel weggaan met bepaalde ideeën, maar die ideeën worden constant op de proef gesteld en moeten dus constant bijgesteld worden. Zo leer ik bijvoorbeeld inzien dat het niet nodig is om een purist te zijn in het nastreven van nieuwe ervaringen. Het is OK om af en toe terug te grijpen naar wat oud en bekend is, want ook dat hoort erbij, en dat is de basis waarop je je nieuwe ervaringen kunt plaatsen. Ergens is er een balans tussen oud en nieuw, en die balans is persoonlijk, en waarschijnlijk verandert hij onophoudelijk doordat iedere dag weer anders is.

Dat is denk ik uiteindelijk wat ik wil: die balans vinden, en iedere dag opnieuw vinden. Geen onhaalbare idealen nastreven, en zeker niet gaan stilzitten en verandering tegenhouden.

Morgen vliegen we naar Kuching, in het Maleisische deel van Borneo. Op naar nieuwe avonturen, en nieuwe inzichten.