Het is verleidelijk, als je op zoek bent naar plaatjes, de buurt af te struinen en zo veel mogelijk om je heen te kijken. Is niet altijd nodig, want als je even stilstaat, begint er van alles om je heen te gebeuren. Dezelfde ervaring hadden we toen we eens drie kwartier lang op één plek ronddobberden onder water, in afwachting van de mandarijvisjes die tevoorschijn moesten komen, maar die zich niet lieten zien. Wat er intussen wel gebeurde: de zeebodem kwam tot leven, kleine diertjes die zich hadden schuilgehouden overwonnen hun angst voor de bellenblazende bovenwaterse wezens, en zo zag ik mijn eerste blauwringoctopus, een erg klein uitgevallen, maar erg giftige soort inktvis.
Maar om bij de plaatjes te blijven: ik was heel ergens anders mee bezig, toen onder me een Mercedes stopte, in het spitsuur en tot ongenoegen van de medeweggebruikers. Er stapte een dame uit die wat bij de achterbak rondhing, onbegrijpelijke dingen deed en ten slotte weer instapte en wegreed. Ze had lang genoeg stilgestaan om me in staat te stellen wat foto’s te nemen waar ik vervolgens mee kon spelen.

Even wat anders: aangezien ik morgenavond naar Japan vlieg, dacht ik eens te kijken wat voor weer het daar in Nagoya is. Verrassing: 3-5 graden ‘s morgens, 12-15 graden ‘s middags. O… dan heb ik aan mijn korte broeken en t-shirts niet genoeg… Dus maar gauw wat warmere kleding gekocht. Wat kun je toch blasé worden van veel reizen, en wat word je toch altijd weer ingehaald door de werkelijkheid.