Een paar dagen geleden wilde ik op straat aan iemand iets vragen, en begon dus met: neem me niet kwalijk, maar… De arme man sprong een meter achteruit en bleef me aankijken met een blik die deed denken aan een dier dat intuïtief weet dat zijn laatste uur geslagen heeft en alleen nog kan afwachten tot zijn belager toeslaat.

Nee, dan die schoolkinderen vandaag. Wij stonden met zijn drieën te wachten bij een voetgangersoversteekplaats (mooi woord voor scrabble). Komen er opeens schoolkinderen aan, twee jongens en een meisje, die daar waar wij staan te wachten beginnen over te steken, terwijl het voetgangerslicht op rood staat. Zeldzaam. Wij zeggen dus tegelijk, als op commando en met dreigende stem: abunai! Gevaarlijk. Fantastisch effect. Het meisje verstijft even, draait zich om en rent terug. De twee jongens, die even daarvoor met veel bravoure aan de oversteek begonnen waren, zetten door, maar kijken wel schichtig om zich heen. Verbaasd over het effect van onze woorden barsten we in lachen uit, de tranen stromen ons over de wangen. En ook de twee jongens draaien zich om, grijnzen, en steken hun duimen op.

Hihihi…