Eén van de eerste dingen die opvallen als je kijkt naar het verkeer is het feit dat bijna iedereen in een Japanse auto rijdt, en dat al die Japanse auto’s het stuur aan de rechterkant hebben. En dat terwijl in Rusland rechts gereden wordt. In 1991 werd het een stuk gemakkelijker om Japanse auto’s te importeren, en dat gebeurde dus ook op grote schaal. Het zijn in meerderheid tweedehands geïmporteerde wagens; de Honda CRV van Sergei b.v. is negentien jaar oud. Grote verliezers bij deze overstap naar buitenlandse auto’s waren natuurlijk Lada en Wolga, die vrijwel van het straatbeeld verdwenen zijn. In Lada’s zie je nog politie rijden. De Wolga-fabriek heeft zelfs de poorten moeten sluiten.


De stadsbussen, die wel het stuur aan de linkerkant hebben, vormen een bonte groep tweedehandsjes uit Korea. Voormalige stadsbussen, streekbussen, tourbussen, er zijn er geen twee gelijk. De meeste rijden nog rond met Koreaanse opschriften en sommige hebben zelfs nog de route die ze in hun vorige leven gereden hebben op de voorruit staan.

Verder zijn de mensen dol op garages. Dat komt misschien gedeeltelijk omdat er niets met de duurbetaalde auto gebeuren kan zolang hij in de garage staat. Zodra hij de straat op komt loopt hij gevaar: iedere dag zie ik wel auto’s die midden op de weg in paren stilstaan, met deuken die leuk bij elkaar passen. Verder is er natuurlijk het argument dat de auto langer meegaat als hij beschermd wordt tegen de niet altijd gunstige weersomstandigheden. Maar bovendien wonen de meeste mensen in flats die gebouwd zijn in een tijd waarin niemand er rekening mee hield dat de bewoners ooit auto’s zouden bezitten. Er zijn gewoon geen parkeerplaatsen.

Om het hoofd te bieden aan de grote vraag naar parkeerplaatsen zijn verschillende oplossingen gevonden. Allereerst zijn overal illegale garageboxen opgedoken, die de toch al niet fraaie buitenwijken nog meer oplelijken. Verder zijn er een aantal privéterreinen tot parkeerplaats ingericht. Met hun onverharde, hellende wegen en rijen verschillende huisjes doen ze denken aan Zuid-Amerikaanse dorpen. Alleen wonen hier geen mensen, maar auto’s. Sergei heeft zo’n box op een privéterrein gehuurd. Iedere avond rijdt hij ernaartoe om vervolgens een half uur terug naar huis te lopen. Iedere ochtend legt hij dat halve uur te voet in omgekeerde richting af, om met de auto naar zijn werk te kunnen gaan. Hij noemt het met een knipoog zijn ‘fitness’.

illegale garageboxen

Intussen is het weer duidelijk aan het veranderen. Toen ik in Irkutsk aankwam, drie weken geleden, werd het overdag nog 25 graden en was het ‘s ochtends aangenaam. Toen de regen, afgewisseld met dagen waarop het ‘s ochtens fris was, en ‘s middags nog best plezierig. Een paar dagen geleden ging de stadsverwarming aan. En vandaag kon de zon de ochtendmist maar nauwelijks verdrijven en blijft de temperatuur net boven nul hangen. De winkels zijn er nog niet op voorbereid: daar ligt nog hoofdzakelijk zomerkleding…