Het is zeventien graden, maar de vrouwen die met hun mannen, kinderen en ouders vandaag de kerstmis gaan bijwonen dragen vanzelfsprekend hun bontjassen. En net als hun mannen geuren ze heftig. Vandaar: ik had me al afgevraagd hoe het kon dat negen van de tien tv-reclames de afgelopen tijd gingen over gebottelde dames- en herengeuren, en Charlotte had al gezegd: dat zal wel het geijkte kerstkado zijn. En nu de tijd voor het kopen van dat geijkte kerstkado voorbij is, gaat de reclame ineens weer over mobiele telefoons en allerlei griepmedicijnen.

De reden om er toch naar te kijken: het is in het Spaans. Onze lessen beginnen in januari, en alles wat nu al gedaan kan worden is meegenomen. Kranten, tv, internet, woordenboeken, en natuurlijk: eropuit, praten, proberen dingen te zeggen en dan later uitzoeken hoe je het had moeten zeggen. Dit is geweldig.

Ook iets om heel enthousiast over te worden: vandaag op tv, Jacques Perrin’s onbeschrijflijk mooie ‘Le peuple migrateur’. Je weet wel, natuurfilm met o.a. opnames van trekvogels die tijdens de trek van dichtbij zijn gefilmd. Maar nog veel meer. Van Perrin zagen we in Futuroscope een film die over twee enorme schermen was verdeeld: één voor en boven ons, één voor en onder ons. Prachtig.
Spaanse tv is, na de Franse met zijn reportages, documentaires en discussieprogramma’s, van een deprimerende eenvoud. Totdat zoiets als ‘Le peuple migrateur’ wordt vertoond. Maar ja, het is dan ook kerstmis.