Terwijl we uit Salou wegfietsten zagen we hotels waarvan alle balcons volhingen met wasgoed. Bij de ingang en in de tuin stonden vreemd uitgedoste snuitertjes met onvervalst Britse tongvallen te oreren. Zal wel een schoolreisje zijn, dachten wij. Charlotte zei nog dat haar schoolreisjes indertijd wat cultureler waren geweest, terwijl ik dacht aan de ‘senior trip’ die ik met de high school klas waar ik een jaar aan meedeed maakte naar Florida. Op het programma toen: bezoeken aan pretparken, veel alcohol en een wat soepeler interpretatie van wat onze ouders hadden geprobeerd ons bij te brengen.

foto geleend van El País

De krant meldde daarna wat we gemist hebben door niet te blijven: 5000 Britse studenten die deelnemen aan het ‘Saloufest’, wat neerkomt op: een week lang veel alcohol en een algeheel geheugenverlies waar het gaat om wat hun ouders hebben geprobeerd ze bij te brengen. Het schijnt dat er af en toe ook teamsporten worden georganiseerd. De pers meldde dat er geen grote overlast wordt veroorzaakt, omdat de studenten verblijven in wijken die vooral bestaan uit tweede huizen die op het moment dus leegstaan.

El País vond vervolgens in een uitgebreid achtergrondartikel dat het zo jammer was dat zo’n saloufest kon plaatsvinden in een tijd waarin het Spaanse toerisme probeert over te stappen op een kwaliteitsprodukt en dus toeristen aan te trekken die daar ook voor betalen. Om ten slotte uit te komen bij de nuchtere conclusie: het is crisis, alles staat leeg en op deze manier komt er tenminste geld in het laadje, wat kunnen we anders?

Maar wij waren al op weg naar Sitges (leuk dorp met veel uitstraling) en Barcelona. Vóór Sitges veel geschipper met boulevards die opeens ophielden en wegen die niet aansloten, erna een prachtige, in de rotsen uitgehouwen weg langs de hier nogal grillige kustlijn, waar bijna alle vrachtwagens voorbeeldig rekening met ons hielden, en een puzzel om Barcelona in te komen zonder de steeds snelwegachtiger hoofdwegen te nemen. Charlotte heeft me uitbundig vervloekt terwijl ik nieuwe sluipwegen zocht die onze reis alleen maar verlengden, maar uiteindelijk heeft ze het me vergeven.

Denk ik. Zoiets weet je maar nooit, hè?

op deze weg: vrachtwagens, personenwagens, wielrenners, en wij

Barcelona, mooie stad. We hebben onszelf er tweeënhalve dag gegeven voordat, vanavond, de boot naar Sardinië vertrekt. We zijn gaan kijken bij de Sagrada Familia, waar mensen in de rij stonden die er waarschijnlijk twee uur over deden voordat ze bij de ingang waren (dus hoe zit dat nou met die leegstaande hotelkamers? O ja, het is paasvakantie natuurlijk…), en hadden meer geluk bij twee door Gaudi ontworpen huizen. We hebben geslenterd door de oude binnenstad, onze laatste tapas gegeten en bezoekjes gebracht aan gespecialiseerde buitensport- en fietszaken, de snoepwinkels van de fietsende reiziger, oases waar broodnodige maar zelden verkrijgbare reisattributen kunnen worden ingeslagen. De vriendelijke fietsenmaker heeft ermee ingestemd op onze fietsen te passen vanaf het moment dat we het hotel uit gaan (ze staan nu nog op de kamer), totdat we ze vanavond de boot op brengen.

Hoe lang hebben we in Spanje doorgebracht? Een maand of vierenhalf moet het geweest zijn. We gaan het missen natuurlijk. Valencia, dat ons allerlei verrassingen bracht en ons de winter door hielp. Het binnenland, waarvan we minder gezien hebben dan we zouden willen. De kust, die een stuk gevarieerder bleek dan we hadden kunnen weten. En de mensen die we hebben leren kennen, natuurlijk. Gaan we allemaal missen. Maar achter de horizon, over het water ligt een nieuw land. Het lonkt.