Nog een foto van Eğirdir, al weer even geleden

Je moet niet alles geloven wat je leest. Over Konya hadden we gelezen dat de stad midden in de steppe zou liggen, maar de eerste blik op Konya (en op de steppe) kregen we pas tijdens de afdaling vanaf de laatste pas, een kilometer of tien voor de stad. Het bord waarop stond aangekondigd dat we de stad inreden gaf als inwoneraantal een miljoen, maar andere bronnen houden het op meer dan het dubbele.

Ondanks de uitgestrektheid van de stad deed Konya eerder provinciaal dan grote-stederig aan, en dat vonden we natuurlijk prima. Om deze stad konden we -letterlijk- niet heen, komend vanuit het zuidwesten en op weg naar Cappadocië, het gebied met de beroemde rotsformaties en ondergrondse steden dat op een wat figuurlijker wijze incontournable is.

We hebben er meteen maar weer twee rustdagen van gemaakt. We sliepen in een hotel waar we door buurtbewoners naar verwezen werden: vier sterren, internationaal hotel, valt zeker buiten het budget dachten we, toch even vragen, en na wat praten kwamen ze met een aanbod waar we gewoon geen nee tegen konden zeggen. Het was ook een gelegenheid om onszelf te verwennen met wat je niet overal kunt krijgen. Baklava, Turks fruit, halva, en de eerste druiven van het seizoen.

Het was even zoeken naar een nieuwe binnenband. Ik kon kiezen: ofwel niet helemaal de goede maat, ofwel een goede maat maar dan met een brommerventiel. De winkel waar ik uiteindelijk een band kocht had geen wisselgeld voor de (omgerekend) vijf Euro die ik neerlegde; ze vroegen wat ik aan muntgeld had, en namen genoegen met een bedrag dat nog niet de helft was van het gevraagde. De taxichauffeur had, op weg ernaartoe, het bedrag op de meter al naar beneden afgerond. Waar maak je zoiets mee? Wonderlijke stad.

En we zagen Nederland winnen van Uruguay.

De karavanserai van Sultanhanı

Na Konya was er inderdaad steppe, zij het afgewisseld met onafzichtbare korenvelden. Steppe is warm in de zomer, in de steppe is er niets dan zon en een landschap dat het zonlicht gelaten ondergaat. Het gemis aan bomen betekent dat er nergens een schaduwplekje is waar de reiziger even verkoeling kan zoeken. Dus doorfietsen maar. In Sultanhanı bezochten we een karavanserai, één van die gebouwen die vroeger dienden als rustplaats voor handelsreizigers en hun kamelen, en aten we een regionale specialiteit: etli ekmek, letterlijk ‘brood met vlees’, een lange, smalle, platte pizza met lamsgehakt.

Etli ekmek

We zijn intussen in Aksaray, ik zeg het maar even omdat ik opnieuw geen verbinding met Google Maps kan krijgen. We gaan morgen een gebied in waar we waarschijnlijk wat langer zullen doorbrengen: het İhlaradal en Cappadocië.