Het vorige nieuws kwam uit Japan, en daarna waren we nog een poosje in Penang, en nu zijn we alweer, eh, weer ergens anders. In Pulau Weh om iets duidelijker te zijn, een Indonesisch eiland iets ten noorden van Banda Aceh, Sumatra.

Pulau Weh is een duikbestemming, zo één waar je over gelezen moet hebben in een duiktijdschrift of over gehoord van mensen die erover gelezen hebben in duiktijdschriften en die er dus geweest zijn. Aangezien de berichten goed waren en dit eiland vanaf Penang nogal makkelijk bereikbaar is (een vlucht naar Banda Aceh, een taxi naar de haven, een boot  naar het eiland en een busje naar de bestemming), en aangezien Charlotte uit Europa is teruggekomen met een nieuwe onderwatercamera die dus moet worden uitgeprobeerd, hoefde ik niet lang na te denken over het antwoord op de vraag: zullen we gaan duiken?

De eerste twee dagen zijn we gewoon met zijn tweeën gaan duiken vanaf het strand, zonder gids, lekker ons eigen plan makend. Dat gaan we nog wel meer doen, want op die manier kunnen we rustig rondkijken op een plek waar van alles gebeurt, maar waar je de tijd moet nemen om het te zien. En gisteren, de derde dag, gingen we mee naar plaatsen waar ook van alles gebeurt, maar dan op een meer zichtbare en kleurrijke manier.

Het is nog wat te vroeg om al een oordeel te kunnen vormen over het eiland als duikbestemming, al zijn de eerste ervaringen zonder meer goed. Hierbij een aantal van Charlotte’s eerste foto’s met de nieuwe camera.

Mantis shrimp in vol ornaat

Cockatoo waspfish die doet alsof hij een deel is van het blad waar hij tegenaan ligt.

Razor fish zwemmen in groepen, met het hoofd naar beneden.

Een jong schorpioenvisje van een drietal centimeters lang kan al goed stil zitten maar heeft de schutkleuren nog niet onder de knie.

Sepia of zeekat - cuttlefish in het Engels.

Leaf scorpionfish - niet altijd makkelijk te zien wat bij de vis hoort en wat niet.