‘Politieke waarnemers’ verwachten dat eind deze maand in Maleisië officiëel een minimumloon wordt aangekondigd, en dat dat voor West-Maleisië zal uitvallen op 900 Ringgit per maand (omgerekend 220 Euro), voor Sabah en Sarawak iets minder. De maatregel moet ongetwijfeld gezien worden in het licht van de verkiezingen die volgens dezelfde waarnemers binnenkort uitgeschreven zullen worden.

De zittende regering raakte bij de vorige verkiezingen de tweederde meerderheid kwijt die ze sinds de onafhankelijkheid in het parlement had gehad. Niet zo erg, zou je zeggen, maar het werd toen omschreven als een politieke tsunami. Voor de meeste wetsontwerpen is een tweederde meerderheid nodig en dus was het tot een paar jaar geleden simpel om wetten te maken. Je kondigt een nieuwe wet aan, schrijft hem op, laat hem door het parlement goedkeuren, en klaar. Niemand in de meerderheid is zo dom om tegen te stemmen, en de rest telt niet. Wetsontwerpen van de oppositie worden natuurlijk niet eens in stemming genomen.

Binnenkort dus nieuwe verkiezingen, en die worden nu ijverig voorbereid. In de kranten valt dagelijks een opsomming te lezen van de beloftes die de regering in deze regeerperiode heeft waargemaakt. En de invoering van een minimumloon kan natuurlijk op het nodige enthousiasme rekenen.

Schoenlappersleest. Foto van Wikipedia.

Hoewel, niet iedereen heeft er iets aan. De schoenlapper bijvoorbeeld die iedere dag van de week net buiten ons hotel in Desa Sri Hartamas op de stoep zat (en waarschijnlijk nog zit, maar wij zijn net teruggekeerd in Penang). Iedere dag zagen we hem omringd door lappen leer, naalden, garen, een ijzeren leest en wat schoenlappers verder zoal nodig hebben. Soms zagen we hem aan het werk, vaker zat hij een krant te lezen of een sigaret te roken. Voor hem geldt geen minimumloon, voor hem verandert er niets.

De twee receptionisten van ons hotel kan het ook niets schelen, want ze verdienen al meer dan het verwachte minimum. Mag ook wel: voor 1500 Ringgit (370 Euro) per maand werken ze twaalf uur per dag: de één kan naar huis als de ander arriveert. En hoewel ze in theorie recht hebben op vier vrije dagen per maand zit dat er niet altijd in, omdat de vacature voor een derde receptionist geen kandidaten trekt. Het zijn ongemakken waarover met een lach verteld wordt, zoals overal in Azië gelachen wordt over ongemakken.

De Ferrari, voordat de stadsreiniging is langs geweest.

Voor het software- en internetbedrijf naast ons hotel maakt het al helemaal niets uit. Op de parkeerplaats stond regelmatig een gele Ferrari 458 Italia, en vaker nog een oranje Lamborghini Gallardo LP570-4 Superleggera. Dit zijn elders al geen goedkope auto’s, maar wie zoiets koopt in Maleisië moet rekenen op heffingen en belastingen die neerkomen op anderhalf keer de waarde van de auto, en daar dus bij opgeteld moeten worden, al wordt er gefluisterd dat er altijd manieren zijn om daar iets aan te doen. ‘Van de eigenaar van het bedrijf hiernaast’, zei de receptioniste lachend. ‘Daar komt hij mee naar zijn werk. Hij heeft er nog een paar, maar niet allemaal van deze, hoor’. En inderdaad, we zagen ook regelmatig een Porsche Cayenne staan, een logisch antwoord op de vraag: en waar laat ik de kinderen?

Een paar dagen geleden stond er opeens een matzwarte, gloednieuwe Lamborghini Aventador. Meteen even opgezocht: in een krantenartikel van juli vorig jaar werd vermeld dat er op dat moment 15 van besteld waren in Maleisië, en dat er een wachttijd van anderhalf jaar op stond. Via parallelle import zou deze wagen te krijgen zijn voor een kleine half miljoen Euro.

De nieuwe auto van de baas

Erg leerzaam, allemaal. Hoe zo’n schoenmakersleest eruitziet. Hoe de nieuwe Lamborghini’s eruitzien. Dat ze allemaal namen krijgen uit de stierenvechterij. Gallardo, lees ik, is de naam van een stierenras of -afstammingslijn verkregen door het kruisen van stieren uit Navarra met koeien uit Andalusië. Murciélago (ook regelmatig één gezien, een witte, van een andere eigenaar) betekent vleermuis maar was ook de naam van een stier die in 1897 na 24 steken nog steeds overeind stond en toen gespaard werd. Aventador was de naam van een buitengewoon vechtlustige stier die in 1993 na een gevecht onderscheiden werd – posthuum kennelijk, want er wordt nergens gerept over ‘gespaard’.

Maleisië kent de schoenlappersleest en naar stieren vernoemde auto’s. En binnenkort kent het land iets dat het tot nu toe niet gekend heeft: het minimumloon.