Van een internetsite met o.a. plaatselijk nieuws (een soort nu.kg) vernam ik dat er gisteren in het centrum van Bishkek, op een weg waarlangs ik elke dag naar school loop, vlak na elkaar twee aanrijdingen hadden plaatsgevonden. Er viel gelukkig alleen blikschade te betreuren, maar er zat iets opvallends verborgen in het bericht.

Laat ik eerst een zijstapje maken naar Penang om te zeggen dat het wonen daar allerlei aangename kanten heeft, maar één nogal onaangename: het verkeer is druk en onberekenbaar. Er zijn vrijwel geen veilige plaatsen waar voetgangers kunnen lopen en wanneer ze proberen over te steken zijn er zelfs automobilisten die gas geven om zo hard mogelijk zo dicht mogelijk langs ze heen te rijden. Mijn gevoel voor humor is niet toereikend om dat te waarderen en in gedachten loop ik rond met een honkbalknuppel in de hand.

Terug naar Bishkek. Brede trottoirs waar niemand probeert over je heen te rijden. Eenvoudige stoplichten op kruispunten, geen aparte voor afslaand verkeer, gewoon steeds afwisselend de ene weg en de andere weg. Verbluft vaststellen, elke keer opnieuw, dat wanneer je op zo’n kruispunt staat als voetganger en het licht voor de richting waarin je wilt lopen op groen springt, alle afslaande auto’s wachten tot je bent overgestoken.

Het wordt nog beter. In Bishkek, net als elders, wordt door rood gereden. Alleen, terwijl elders wordt doorgereden nadat het licht op rood is gesprongen, beginnen in Bishkek mensen door rood te rijden vlak voordat het groen wordt. Want wat is het geval? Iedereen stopt voor oranje! Zodat het inderdaad veilig is, wanneer je als automobilist ziet dat mensen links en rechts gaan stoppen, aan te nemen dat jouw licht op het punt staat op groen te springen en je vast kunt gaan rijden.

Maar die aanrijdingen, hè. Ze gebeurden op dezelfde plek, op dezelfde manier, en volgens de journalist vinden op die plek dagelijks soortgelijke aanrijdingen plaats. Wat er steevast gebeurt is dit: er is een zebrapad, ergens tussen kruisingen in. Een auto stopt er om een voetganger over te laten steken en wordt van achteren aangereden door een andere auto die dat niet op tijd doorhad. Je gelooft het niet! Er wordt gestopt voor zebrapaden! Volgens de journalist leidt dat in dit geval tot aanrijdingen doordat niet voor iedereen duidelijk is dat het een zebrapad is, want de strepen zijn bijna niet meer te zien.

De verschillen met Penang zijn enorm en onwaarschijnlijk. Het soort aanrijdingen van hierboven kan in Maleisië helemaal niet voorkomen, want er is niemand die stopt voor voetgangers. En toch is ook het verkeer in Kirgizië volgens statistische gegevens niet echt veilig. Het volgende is afgeleid uit een rapport van de Wereld Gezondheids Organisatie. Als je Kirgizië met Nederland vergelijkt krijg je ongeveer dit (afgeronde gegevens voor 2010):

Aantal geregistreerde (dus gemotoriseerde) voertuigen per 100.000 inwoners: Nederland 56000, Kirgizië 8000.

Aantal dodelijke verkeersslachtoffers per 100.000 inwoners: Nederland 4, Kirgizië 16.

Simpel gezegd: in Kirgizië zijn er per hoofd van de bevolking zeven keer zo weinig auto’s als in Nederland, maar vier keer zo veel verkeersdoden.

Kan zijn, maar elke keer dat ik te voet een kruispunt oversteek kijk ik ongelovig om me heen, nog steeds verrukt over de voorrang die me wordt gegeven – alsof het zo hoort.

Nog één ander feitje uit het nieuws, ik weet niet of dat de nederlands- of anderstalige pers bereikt heeft, ik heb het alleen op een Russische nieuwssite gezien. In Rusland bestaat sinds kort een centraal eindexamen voor middelbare scholen. Iedereen van Sint-Petersburg tot Vladivostok maakt dezelfde examens. Dit jaar werden in Moskou alle examenvragen door iedereen foutloos beantwoord, ondanks de genomen voorzorgsmaatregelen: mobiele telefoons inleveren en zo. Het was opvallend.

Je zou blij kunnen zijn met de intelligentie van de jonge Moskovieten, maar er bleek een andere verklaring te zijn: gezien de tijdsverschillen in het land hadden de leerlingen in Vladivostok al bijna de resultaten binnen tegen de tijd dat in Moskou aan het examen begonnen werd. En hulpvaardig als leerlingen in het oosten zijn, hadden ze alle examenvragen op het internet gezet, ruim op tijd voor leerlingen in het westen om de bijbehorende antwoorden op te zoeken. Eén ding hebben de leerlingen goed geleerd: hoe je je voordeel kunt doen met het internet.