Onder de vele goede mensen waar we de afgelopen paar weken op het eiland Mabul in zuidoostelijk Sabah mee omgingen bevond zich een Iers stel marine biologists die er als duikgids werken. Marine biologists: ik weet niet hoe dat in het Nederlands heet, laten we zeggen: onderwaterbiologen. Van die mensen die veel weten over wat zich aan de andere kant van de waterspiegel bevindt.

DIGITAL CAMERA

Frogfish: eeuwig stil zitten, wachtend op een niets vermoedende  prooi. Alle foto’s bij dit stuk zijn genomen door Charlotte.

Hij: we tuurden over de rand van de loopbrug naar het water waar een grote gele frogfish ronddreef, op het oog zo dood als een pier. Frogfishes bewegen ook onder water zelden, daar lag het niet aan, maar drijven? Aan de oppervlakte? Ongehoord. Hij, dus, haalde een emmer en vulde die met zeewater en de schijnbaar dode vis. En onderzocht het dier. Kwam tot de conclusie dat de vis helemaal niet dood was, en dat zich in het lijf een grote luchtbel bevond. Kennelijk niet in staat zich van de luchtbel te ontdoen was de onfortuinlijke vis onherroepelijk naar de oppervlakte gestegen, waar hij vervolgens hulpeloos bleef ronddrijven. Hij, de onderwaterbioloog, haalde met een injectiespuit de overtollige lucht uit het lichaam en zette de vis weer uit. Alsof er niets gebeurd was nam het dier positie in tussen de zeegrassen en ging het roerloos zitten steunen op de borstvinnen, zoals dat hoort. In afwachting van een prooi die, zich van geen gevaar bewust, langs zijn mond zwemt, om die dan met een razendsnelle beweging van de bek naar binnen te zuigen en door te geven aan de spijsverteringsorganen.

Orang utan crab in bubble coral.

Orang utan crab in bubble coral.

Zij: een schat van een mens. Op haar vijfde was ze doof geworden, ze kon goed verstaanbaar praten maar moest degene die tegen haar iets zei recht aankijken om te kunnen liplezen. Dat ging heel aardig, meestal. Ze zei iets opmerkelijks. Ze was een keer in Belfast geweest, en had helemaal niets begrepen van het accent waarmee er gesproken werd. Het accent? Is dat niet iets wat je hoort? Ja, maar andere klanken betekent andere bewegingen met de mond. Zo was ook het Engels van een stel Chinese Maleisiërs niet eenvoudig te lezen en moest er regelmatig iemand uithelpen die in een wat begrijpelijker accent sprak.

Bumphead parrotfish. Een koe van een beest, deze is ongeveer een meter lang. Ze grazen in kuddes het rif af.

Bumphead parrotfish. Een koe van een beest, deze is ongeveer een meter lang. Ze grazen in kuddes het rif af.

Niet genomen foto: tijdens een regenbui liepen we naar de steiger om te gaan duiken. We kwamen langs een Bajau jongetje dat gehurkt op het strand zat. Een klein, bruin, naakt lichaam. Boven het lichaam een grote, glimmende, omgekeerde metalen kom, die bijna het hele jongetje droog hield en die met één hand werd vastgehouden. Onder het lichaam een hoop, die langzaam groter werd. Jongetje, zand, hoop: een verzameling bruintinten, bijeengehouden door een glimmende metalen kom, van waaronder ons twee donkere ogen aankeken.

Peacock mantisshrimp. 'Wegwezen, anders word ik ècht boos!'

Peacock mantis shrimp. ‘Wegwezen, anders word ik ècht boos!’

Zeg ‘pygmy seahorse’ tegen een duiker, en je hebt meteen zijn aandacht. Waanzinnig goed gecamoufleerd en niet meer dan één of twee centimeter hoog, maar bijzonder honkvast en dus, wanneer ze eenmaal zijn gevonden, steeds opnieuw vindbaar, vormen deze diertjes een doel op zichzelf van menige duik. We hingen rond een waaierkoraal waarvan bekend was dat er een pygmy seahorse in zat, en na enig zoeken werd het minuscule wezentje gevonden. Eén voor één kwamen we ernaar kijken, ik sloot aan in de rij en was de laatste.

Zoeken naar de pygmy seahorse.

Zoeken naar de pygmy seahorse.

Althans, dat dacht ik. Aan de rand van mijn blikveld werd een deel van een duiker zichtbaar, die kennelijk wilde komen kijken. Ik keek om en zag een professionele foto-uitrusting: spiegelreflex in een onderwaterbehuizing, aan weerszijden daarvan de onderwaterflitsers. Een zodanig volumineus geheel dat het doorgaans met twee handen wordt vastgehouden, wat de eigenaar ervan doet lijken op een vrachtwagenchauffeur die een stuur vasthoudt.

De fotograaf was niet alleen. Ik keek verder achterom en schrok me het leplazarus. Het waren er zeker tien, allemaal met van die joekels van camera’s voor zich, als een wolk daalden ze neer op het waaierkoraal waar ik net voor hing om naar een nietig zeepaardje te kijken. Zover het oog reikte wemelde het van de duikpakken, vinnen, camera’s. Ik maakte me uit de voeten. Iemand die het tafereel bleef bekijken zei achteraf dat hij eenendertig duikers om dat ene kleine beestje had zien hangen.

Hairy squat lobster op de wand van een spons.

Hairy squat lobster op de wand van een spons.

Frogfishes redden is één ding, maar er gebeurde nog veel meer nuttigs. Zo kwam er tijdens ons verblijf een heel nest schilpaddeneieren uit, die op een beschermde plaats in het zand hadden gelegen. Met tientallen tegelijk werden de babyschildpadjes losgelaten, ze tuimelden onhandig over het zand naar het water toe, waar ze opeens vastberaden en met een onwaarschijnlijke handigheid aan het zwemmen gingen, weg van de broedplaats, weg van het strand, de grote wijde onderwaterwereld in. (Ik vond een documentaire over zeeschildpadden die is uitgezonden door Arte, Le mystérieux voyage des tortues de mer, oorspronkelijke titel: Sea Turtle Odyssey. De moeite waard!)

Flasher scorpion fish. Nog zo'n stilzitter.

Flasher scorpion fish. Nog zo’n stilzitter.

En regelmatig werd een schoonmaakactie op het strand georganiseerd. Een hopeloze opgave, want al de volgende dag lag het weer vol rommel. Het komt met het getij, vooral plastic flessen en zakjes waar chips of snoep in gezeten heeft, het is van dat afval dat achteloos in het water gegooid wordt door mensen die er kennelijk van uitgaan dat het dan ‘weg’ is. Het is niet weg. En wat aanspoelt is een fractie, een triljoenste van wat er is weggegooid.

Garnaaltje, ja... maar wat voor één?

Bubble coral shrimp, zegt Charlotte. Charlotte weet dat soort dingen.

Niet genomen foto, bij ons vertrek: in Semporna staan bij de kade een aantal vuilcontainers waar meestal een geur omheen hangt die ik niet wil beschrijven. Ook nu, bij het krieken van de dag, terwijl we erlangs reden op weg naar het vliegveld van Tawau kregen we wat van die geur mee. Om de containers heen lag van alles op de grond, de containers zelf leken grotendeels leeg. En toen… stak er een kinderhoofdje uit één van de containers omhoog. Een meisje. Het was aan het zoeken, kennelijk. Wat?

Anemoonvissen zijn altijd aardig om te zien.

Anemoonvissen zijn altijd aardig om te zien.

Maar dat zijn maar wat beelden. Wat vooral is (en zal) blijven hangen zijn de beelden die we onder water zagen (waarvan bij dit stuk een paar indrukken) en de mensen met wie we ze deelden. Goede mensen, mensen met wie je meer tijd zou willen doorbrengen.

Zeekat, cuttlefish - fascinerende dieren.

Zeekat, cuttlefish – fascinerende dieren.

En nog iets. Semporna, het havendorp van waar boten naar Mabul en Sipadan vertrekken, heeft een bevolking die voor het grootste deel bestaat uit Maleiërs. En er valt iets op. Toen we in het noordoosten van het Maleisisch schiereiland fietsten, waar de bevolking ook voornamelijk bestaat uit Maleiërs, viel hetzelfde op. Kijk, in Penang, waar we hoofdzakelijk met Chinezen en Indiërs te maken hebben, ben ik geneigd over Maleiërs te denken als laag-opgeleide, luie lieden die meeliften op het economisch succes dat is bereikt door het Chinese deel van de bevolking. Maleiërs kennen allerlei wettelijke privileges die ervoor zorgen dat ze geen enkele stimulans hebben zelf iets te presteren, en door een systematische plundering van het milieu kan de overheid ze cadeautjes blijven geven.

De plant heet halimeda. De vis die ervoor hangt is de halimeda ghost pipefish. Kijk maar: de staart zit linksboven, de snuit rechtsonder.

De plant heet Halimeda. De vis die ervoor hangt is de Halimeda ghost pipefish. Kijk maar: de staart zit linksboven, de snuit rechtsonder.

Maar zie: breng wat tijd door in een Maleis dorp (het is altijd een dorp, Maleiërs zijn van huis uit plattelanders, terwijl Chinezen liever in de stad zijn), en je krijgt te maken met de keerzijde van de medaille. Mensen zijn nieuwsgierig, lachen je toe, vragen, nemen de tijd voor je. Spreek een paar woorden Maleis uit en je wordt regelrecht de hemel in geprezen. De kleding is traditioneel, maar kleurrijk. De mensen hartelijk. Dit doet de ziel goed, dit zouden we vaker moeten doen. Tja – waarom ook niet?

Familie van de vis op de vorige foto: een stel Roughsnout ghost pipefish, een mannetje en een vrouwtje.

Familie van de vis op de vorige foto: een stel Roughsnout ghost pipefish, een mannetje en een vrouwtje. Spelen ‘dood blaadje’.

En nog een familielid: Ornate ghost pipefish, hier op een ongebruikelijke plek, want ze verschuilen zich meestal in iets waar ze nauwelijks van te onderscheiden zijn.

En nog een familielid: Ornate ghost pipefish, hier op een ongebruikelijke plek, want ze verschuilen zich meestal in iets waar ze nauwelijks van te onderscheiden zijn.